maandag 19 augustus 2013

Paris Plage - Quartier d' été




 
Paris Plage en Quartier d' été
voor Parijzenaren
die om welke reden dan ook
thuis blijven.

Op de thee bij Harrie Heine

 
Heinrich Heine
op Montmartre

Op bezoek bij mijn leraar klassieke Indiase muziek

 
Bij Tasnim Khan
 

donderdag 15 augustus 2013

maandag 15 juli 2013

Gaétan Soucy (21 oktober 1958 - 9 juli 2013) overleden


Gaétan Soucy à La librairie des halles - Niort door Centredulivre

Gaétan Soucy had - toen hij op 9 juli aan een hartinfarct stierf - al tien jaar geen roman meer uitgebracht. Maar La fille qui aimait trop les allumettes (1998) zorgde ervoor dat iedereen die dit kleine werk gelezen had op de uitkijk stond naar een nieuwe roman van deze schrijver uit Québec. Zijn literair oeuvre is niet groot. Vergelijkbaar met een schrijver als Juan Rulfo.  Rulfo heeft volgens mijn weten maar twee werkjes geschreven (Pedro Páramo en El llana en llamas). Soucy heeft twee romans meer geschreven. En net als Rulfo heeft hij me niet meer losgelaten na dat bizarre taalavontuur  over een meisje van dertien ergens in de bossen van Québec, dat haar despoot van een vader moet begraven. De vader heeft zich verhangen. De vergelijking met Pedro Páramo gaat verder op, omdat in de roman van Rulfo het hoofdpersonage - de roman is in de ik-vorm geschreven - doodleuk rond pagina 50 sterft. Zo komt het meisje in La fille qui aimait trop les allumettes er pas laat achter dat zij een meisje is.

In Le devoir verklaart Soucy: 'Ik wil obsederen, een lezer omver gooien met een maximum aan dichtheid en effectiviteit.' Daarin is Soucy bij La fille etc. volledig geslaagd. En niet alleen bij mij, getuige het feit dat deze kleine roman hem Le prix Ringuet en Le prix du Grand Public du Salon du Livre de Montréal-La Presse bezorgde!


La fille etc is een ineen geperst verhaal over twee kinderen (tweelingen?), waarvan het ene in gevangenschap leeft - als een beest geketend in de stal - en het andere alle opdrachten van vader stipt uitvoert. Het meisje dat nog niet weet dat ze een meisje is groeit op ver van de door ons gekende wereld. Haar manier om de wereld te duiden is een ontdekkingsreis op zich. In dat duiden mengen zich schuldgevoel, het verlangen naar vergiffenis en de druk van een duistere godsdienst. Dat allemaal gevat in een kindertaal die kraakt van ouderdom, maar om de zoveel zinnen vlam vat. In het al eerder geciteerde interview in Le Devoir betoogt Soucy dat hij een gek is, die denkt dat een groot literair werk hem zal redden. 'Wanneer ik niet meer schrijf, zou het fijn zijn dat ik met één klap sterf.'


Onlangs kondigde Soucy nog aan bij monde van Dany Laferrière (Haitiaans/Canadees auteur; 1985 Comment faire l'amour avec un nègre sans se fatiguer) dat hij weer aan een roman bezig was. Soucy was verbaasd dat men zich hem nog herinnerde. Maar hoe kun je die koortsachtige taal van La fille etc. ooit vergeten, wanneer je er eenmaal door gegrepen bent?

Festivaltijd en lokatietheater

Een blog hoort bij de tijd te zijn. Maar ik kan het niet laten om een paar van de vele  voorstellingen te memoreren die ik de laatste tijd gezien en ondergaan heb. De zomer mag dan wel bijzonder slecht begonnen zijn, de festivals presteren daarentegen tot nu toe op en top.

Oerol: Fundament van Wilhelmer van Efferink.
 
Speelplek Fundament.
Enig later toegevoegd decorstuk:
een grote, leren clubfauteuil.
 
Een boeiend experiment van de balans zoeken tussen taal en beweging. Gezet in een eenvoudig, edoch pakkend Oblomov verhaal. Met een serieuze Daniil Charms zwaai.   Met een overweldigende Anna Fe de Boer. Een knieval voor deze jonge makers.

Anna Fe de Boer
 
Indrukwekkend ook de voorstelling van Project Wildeman. Wildeman zette Wij (de roman van Jevgeny Zamjatin) op zijn kop en daagde het publiek uit het aan te durven een wij-gevoel te ervaren.  Een sjamanistische explosie van ritme, dans, performance, klank, woordscat en dat alles van heel dichtbij, diep in het woud. Je hart ging er zowat van zweten.
 
 
 
Ik doe in mijn blog niet graag aan azijnzeiken. Maar De Spectaculaire Tribune van Oostpool was zo aanmatigend dat er geen woorden voor zijn. Er zijn ook mensen die er anders over denken.  http://bottejellema.nl/2013/06/de-spectaculaire-tribune-van-oostpool-op-oerol/
 
Poplart theater Slochteren
foto: Harry Cock
 
Dan een paar weken later zag ik op de oude rioolzuiveringsinstallatie aan de Groendijk in Slochteren van Poplart het betoverend gave Op de drempel van een nieuw leven, geïnspireerd op Anatoli Gavrilov (regie: Michiel Johannes Jansen; spel: Hendrik Aertz en Veerle van Overloop).

Veerle van Overloop en Hendrik Aertz
 
Prachtig, indringend tekstoneel, waarin op het einde alles precies op zijn plek viel. De kubus van architectenbureau Onyx werkte ook nu weer sterk (net als bij de voorstellingen van het Geluk, vorig jaar op de Zuidwending).
 
 

Te veel om alle voorstellingen de revue te laten passeren. Het Festival der Aa was er nog. Ik mocht er het filmprogramma van jonge Noorderlijke filmmakers samenstellen. De Nije Man van Waark, met een weergaloze Ben Smit, Strange Interlude van het Nationaal Toneel (in de Stadsschouwburg) en nog veel meer.

Toch: als laatste wil ik nog wijzen op Tulpen op maagzuur, het afstudeerwerk van Hesther le Grand voor de regieopleiding. Gezien in een huiskamer in Garnwerd: de totale deconfiture van bourgeoise beleefdheidsfrases. Een heerlijke in een guignol voor volwassenen eindigende poging van twee ouderparen om een ruzietje tussen de twee zoontjes bespreekbaar te maken.

Gerro Dijk, José Timmer, Johannes de Brijne
en Marthe Smit Duyzentkunst
in Garnwerd
 
Schitterend spel van de acteurs. De titel van het origineel van het stuk mag helaas niet genoemd worden. Maar wie miste er nou Christopher Waltz, Jody Foster, John C. Reilly en Kate Winslet? Niemand toch!

Voor Tulpen op maagzuur zijn er net als voor Op de drempel van een nieuw leven nog herkansingen. Bezoek de websites: http://www.iovivat.info/ en http://www.poplart.nl/

 

dinsdag 2 juli 2013

Zonder commentaar

 
Strange interlude???
 
 

Toeval bestaat niet


Vandaag verhuisde ik samen met Betsy Torenbos de laatste decorstukken van Vergeet mie nait van DNK Assen naar Annen. Daaronder zaten ook nog enkele spiegels die ROODPALEIS indertijd voor Memento van het Nationaal Toneel heeft overgekocht.
In de bossen bij Eexterkoele reden we bijna iemand van de sokken: Johan Doesburg. Gelukkig bleef de vrachtwagen ongedeerd. Johan heeft overigens familiebanden met de verhuurder. Al zijn ze door de jaren heen van elastiek.  

vrijdag 7 juni 2013

Leestafel 8 - Fred Vargas - Debouts les morts

 
Ik weet bijna niet meer waar ik beginnen moet met het vervolg van mijn leestafel. Zover lig ik achter. Ongeveer een driekwart jaar geleden las ik Debouts les morts van Fred Vargas - de koningin van de hedendaagse Franse policier. Vargas heeft haar nom de plume ontleend aan het hoofdpersonage uit The barefoot comtessa (1954) van Mankiewicz (met o.a. Humphrey Bogart en Ava Gardner die de rol van Maria Vargas speelt). Vargas is van 1957 (Parijs) en was, voordat ze zich op het pad van de policier waagde een eminente archeologe (mediaevistiek). Haar wetenschappelijk vakgebied steekt in haar populaire romans over de zonderlinge commissaris Adamsberg af en toe nog de kop op. Maar in haar vroegere romans als Debout les morts (1996) is haar fascinatie voor het verleden veel pregnanter aanwezig. En wel in haar hoofdpersonages: de mediaevist Marc Vandoosler, de archeoloog Matthias Delamarre, een prehistoricus op blote voeten (nou, hij loopt het liefst helemaal naakt) die alle geschiedenis die na de jager/verzamelaars kwam volstrekt oninteressant vindt en Lucien Devernois, die zich met niets anders bezighoudt dan met de Eerste Wereldoorlog. Als laatste heb je dan nog de peetvader van Marc Vandoosler, een gepensioneerde commissaris van 68 jaar. De oude Vandoosler is oneervol uit de dienst ontslagen. De ouwe noemt de drie jonge kerels die altijd platzak zijn spottend/liefhebbend 'de drie evangelisten.'

Vargas heeft ongezouten kritiek op Debouts les morts ontvangen. Het boek zou zich weinig verrassend ontwikkelen. Het plot volgt het ijzeren stramien dat je in de eerste drie hoofdstukken maar hoeft te zoeken naar degene die het minst verdacht kan worden van een moord. Voilà: de dader. Verdere kritiek is dat je bij lezing van het boek de indruk krijgt dat moord helemaal niet zo erg is, zo lang je er maar om kunt lachen.


Ik heb genoten van deze kleine roman - die de tweede blijkt te zijn over de hierboven genoemde evangelisten. Genoten, ja, want hij was inderdaad meer amusant dan spannend. Maar haar humor is onderkoeld, hij dringt zich niet op de voorgrond. Je lacht zonder dat je er echt erg in hebt. Ook het vleugje erotiek mag er best zijn.
Maar wat ik goed aan deze policier vindt, is dat Vargas erin slaagt om de nogal bizarre karakters van haar personages een beslissende rol te laten spelen in de afwikkeling van het plot.

Ja, ik heb vaak moeten lachen om die rare kwibussen. Ook al vallen er drie doden in het boek. Of waren het er vier? Ik weet het niet meer. Wat ik wel weet is dat ik hoogstwaarschijnlijk een slecht mens ben. Maar wel een dankbare lezer.

zondag 2 juni 2013

100 jaar als schakel - de laatste bezoekers

Dat de allerlaatste bezoeker een hond was - dat ware iets voor Daniil Charms geweest. Iedereen die de loods bezocht heeft tijdens het Timeshift-festival en die in de ligstoelen plaats genomen heeft om te luisteren naar de verhalen van Ata Kandó, Jan Bastiaans, Tine Homan en Lukas Berghuis: bij deze namens Betsy Torenbos bedankt. Ook  Puk - de hond.